Liegt de leugendetector?

We hebben hem al gebruikt voor twee pittige ondervragingen van onze favoriete misdaadplotters: onze goede, trouwe leugendetector. Onze vriend heeft ons toen geholpen om meer te weten te komen over Pieterjan en Liese, de mysterieuze makers van het nieuwste Crimibox dossier: Macdeath. Het kan dus niet anders dan een fantastisch middel zijn om achter de harde waarheid te komen. Toch?

Waarom wordt de leugendetector dan niet bij elke onenigheid vanonder het stof gehaald? Hoe kan een machine eigenlijk weten of iemand liegt? Kan de leugendetector op zijn beurt liegen?   

Wij achterhalen voor jou de waarheid en niets dan de waarheid over de leugendetector.

De polygraaf

De leugendetector of polygraaf werd in 1921 uitgevonden door John Augustus Larson, een student geneeskunde in Amerika. Voor de naam van zijn nieuwe wonderlijke machine vond hij inspiratie bij de oude Grieken. De naam polygraaf zou daar niets meer dan “veelschrijver” betekenen.

Het idee leek eenvoudig genoeg. In onderzoeken ontdekte John dat mensen die spanning of stress ervaren, enkele interessante lichamelijke veranderingen doormaken. Ze beginnen te zweten, hun bloeddruk stijgt, hun spieren spannen op. John bedacht zich dat mensen die liegen ongetwijfeld met heel wat stress en spanning te maken krijgen. Hij kwam dus op het idee om een apparaat te maken dat die vele veranderingen meet en daardoor kan vertellen of een persoon al dan niet aan het liegen is.

De bal ging aan het rollen en even later werd de polygraaf geroemd als een fantastisch en accurate manier om achter de waarheid te komen. Al snel werd het opgekocht en geperfectioneerd door de FBI en gebruikt in allerhande lopende onderzoeken. Zij gebruiken het tot op de dag van vandaag nog steeds bij bikkelharde ondervragingen van geharde leugenaars.

Hoe werkt de polygraaf?

De polygraaf heeft inderdaad veel neer te schrijven. Mensen die eraan vast worden gemaakt worden namelijk op van alles gecontroleerd. Ze krijgen een band rond hun hoofd, hun vingers worden in een handschoen gestoken. Er wordt een buis rond het middel van de ondervraagde aangebracht, een andere rond de linkerarm.

De polygraaf meet dus niet één ding. Om te weten te komen of iemand liegt, gaat het een heleboel veranderingen onder de loep nemen.

Een ondervraging met de polygraaf gebeurt altijd in twee fasen. Eerst moet een baseline worden gemaakt. Hoeveel zweet de ondervraagde normaal? Hoe hoog is zijn bloeddruk wanneer hij niet onder spanning staat? Om hier achter te komen, meet de leugendetector ook de lichamelijke reacties wanneer er gewone vragen worden gesteld. Hoe heet je? Woon je in deze straat? Daarna wordt de ondervraging serieuzer. “Heb je de persoon vermoord?” “Was je wel waar je zei dat je was?” Ook dit wordt vakkundig door de polygraaf gemeten.

Na de ondervraging worden alle reacties met elkaar vergeleken. Had de ondervraagde meer stress bij de tweede reeks vragen? Waarom was dat het geval?

Een heleboel kritiek

In de laatste decennia heeft het gebruik van de leugendetector in onderzoeken heel wat kritiek gekregen. Hoewel 90 procent van mensen die de leugendetector gebruikt nog steeds heilig geloofd in de polygraaf, zijn er steeds meer onderzoeken die de polygraaf bekritiseren. Een recent onderzoek beweerde zelfs dat alle resultaten van de leugendetector rechtstreeks de vuilbak in mogen.

Heel wat psychologen merkten op dat iemand die stress heeft, niet per se aan het liegen is. Een ondervraging door getrainde politieagenten zou weinig mensen compleet rustig houden. Zelfs wanneer je compleet onschuldig bent, blijft zo’n gebeurtenis enorm stresserend.

Daarbij is er een grote groep van misdaadplegers die niet ontdekt wordt door de polygraaf: pyscho-en sociopaten. Deze groep, die daarbij vaker criminele feiten pleegt dan de meeste mensen, krijgt na een misdaad amper te kampen met spijt, schuldgevoelens of stress. Zij blijven dus zelfs wanneer ze aan de leugendetector worden gelegd, heel wat kalmer dan onschuldige mensen.

Gebruik van de polygraaf

Toch blijven sommige psychologen en criminologen ondanks al die kritiek toch geloven in de polygraaf. Mensen zijn namelijk veel eerlijker als ze geloven dat er een almachtige machine is die hun antwoorden controleert. Psychologen denken dus dat deze criminele placebo toch kan gebruikt worden om sneller tot de waarheid te komen.

Vandaag wordt de polygraaf In België en Nederland enkel nog gebruikt als een extra controle. Het is zeker niet genoeg om iemand te veroordelen van een misdaad.

In Amerika en Japan is dat voorlopig nog anders. Daar wordt een ondervraging met een polygraaf nog zeer serieus genomen. Het wordt nog steeds gebruikt binnen allerlei belangrijke onderzoeken.

We gaan dus Pieterjan en Liese op hun woord moeten geloven. Wij zetten onze leugendetector terug op zolder? Denk jij dat de politie de leugendetector beter helemaal in de vuilbak gooit? Doen wij best hetzelfde? Geef ons gerust je ongezouten mening…